Tuinieren zonder tuin

Tuinieren op het schoolplein gaat natuurlijk het makkelijkst gewoon in de grond. Toch kan het ook prima in een zogenaamde houten vierkante meter bak, of in grote potten van plastic of steen Bedenk van te voren goed wat je wilt. Je kunt in principe bijna alles wat je in een gewone tuin kunt kweken ook bakken en potten laten groeien.

potten

Stenen potten zijn meestal behoorlijk zwaar en deze kunnen ‘s winters kapot vriezen. Plastic potten zijn praktisch maar niet altijd even mooi. Waarin je ook gaat tuinieren er moeten in ieder geval gaten onderin zitten voor de afwatering. Leg onderin de bak of pot een aantal potscherven of stenen zodat de afwateringsgaten niet verstoppen.

Welke maat pot je moet kiezen hangt af van de soort plant, de groeikracht daarvan en hoeveel je er van in 1 pot wilt zetten. Een flinke stam tomatenplant heeft bijvoorbeeld een veel grotere pot nodig dan een mini struiktomaat.
Algemene regels voor de grootte van de pot zijn er niet, maar liever te groot dan te klein. Grotere potten vallen niet zo snel om, bevatten meer grond en hebben meer ruimte voor wortels, kunnen meer vocht vasthouden, en kunnen langer met een water gietbeurt toe.
Zorg er bij klim- en slingerplanten voor dat je in de pot ook nog wat plaats hebt om bamboestokken of gaas te zetten waar de planten langs kunnen klimmen. Een plantensoort die een lange penwortel maakt zoals peentjes of pastinaak hebben een diepere pot nodig dan een plant die oppervlakkig wortelt.

grond

Het meest bekend is potgrond. Potgrond is eigenlijk niets anders dan een mengsel van turfmolm en compost en er zijn meestal al voedingsstoffen aan toegevoegd. Er is ook cocopeat; een potgrond niet op basis van compost en turfmolm maar op basis van kokosvezels. Het is een goede grond maar wel wat duurder. Het houdt langer vocht vast maar het is moeilijk te zien of er alweer water gegeven moet worden! Er zijn ook allerlei bijzondere mengsels te koop zoals potgrond voor kuipplanten, potgrond voor bloeiende planten, potgrond voor coniferen enz. Eigenlijk bestaat ook deze potgrond uit voornamelijk turfmolm en compost maar afhankelijk van de soort zitten er wat andere voedingsstoffen in, of kleikorrels bijvoorbeeld. Deze potgrondsoorten zijn vaak duurder en voedingsstoffen kun je ook zelf toevoegen.

voeding

Elke plantensoort heeft vaak zijn eigen specifieke behoeften. Zo willen bonenplanten weinig water en weinig voeding. Andijvie wil aanzienlijk meer water en voeding. In potgrond zit ongeveer voor 8 weken voeding. De eerste 8 weken hoef je dus niet bij te mesten. Daarna zul je dat bij de meeste plantensoorten wel moeten doen. Elk tuincentrum heeft een flink assortiment voedingsstoffen maar welke moet je kiezen? Op de achterkant van de verpakking kun je lezen waar die voeding geschikt voor is. Houd je wel aan de aanwijzingen op de verpakking! Bij overbemesting kunnen de wortels verbranden waardoor ze geen voeding meer op kunnen nemen Er zijn organische meststoffen en kunstmeststoffen, er zijn kortwerkende en langwerkende meststoffen. Tegenwoordig zijn er zelfs merken potgrond waarin voldoende voeding voor 6 maanden in zit! Je kunt dat soort voeding ook zelf kopen en toevoegen. Dit soort meststoffen zijn helaas vrij prijzig, maar je hoeft het maar een keer te geven en het is dus heel zuinig in gebruik. Het meest bekende merk is Osmocote. Een groot voordeel van deze voeding is dat je er nooit mee kunt overbemesten. De voeding zit in kleine bolletjes en deze wordt in kleine hoeveelheden over een lange periode vrij gegeven. Dus een keer geven en je hebt er qua voeding verder geen omkijken meer naar.
Als vuistregel geldt dat alle vruchtgewassen en peulgewassen weinig voeding nodig hebben (tomaten, pepers, bonen, peulen, enz). Teveel voeding geeft veel groei maar dat gaat bijna altijd ten koste van de vruchtzetting. Groene en bloeiende planten hebben bijna altijd wel ruim voeding nodig. Winterharde planten zoals veel kruiden of vaste sierplanten hoef je in de winter niet te bemesten en behoeven minimaal water. Begin rond maart pas weer voeding en wat meer water te geven zodat de planten weer tot leven kunnen gaan komen. Stop met bemesten vanaf eind augustus.

water geven

Over water geven kunnen we kort zijn; er valt meestal genoeg regen in Nederland maar nóóit voor een bak of pot. Deze zul je vaak water moeten geven, ook in een regenachtige periode! In de zomer bijna dagelijks. Houd ook hier weer rekening met de wensen van de plant zelf. Sommige soorten willen niet zo veel water, maar de meeste planten willen wel graag vochtig maar niet kletsnat staan. Je kunt voor de zomerperiode ook een soort watergeefsysteem maken; knip de bodem van een petfles, haal de dop eraf en steek de petfles met de schenkkant de grond, de open onderkant steekt nu schuin omhoog. Je kunt daar water in geven. Makkelijk, en je verspilt minder water als de grond verzadigd is blijft het water in de fles gewoon staan tot ze verder kan inlopen. Dit is een handig systeem voor de weekenden en vakanties!

standplaats

Moeten de bakken in de zon, halfschaduw, of juist helemaal in de schaduw? Is het erg als de planten veel wind vangen?
Over het algemeen kun je stellen dat een beschutte plaats in de zon of halfschaduw het beste is. Zorg voor hoogte verschillen tussen de gewassen. Dat is niet alleen leuk om te zien maar daarmee zorg je ook dat andere planten een beetje meer in de luwte kunnen staan. Stoksperziebonen, pronkbonen (makkelijk en erg decoratief) of een hoog rankende lathyrussen creëren hoogte. Zonnebloemen doen dat natuurlijk ook maar die hebben wel de neiging om te vallen!

verzorging en onderhoud

Regelmatig onderhoud is erg belangrijk, zeker bij groenten, kruiden en eenjarige bloemen. Lege bakken en potten wil je snel weer gevuld hebben zorg er dus op tijd voor dat je weer wat nieuws gezaaid hebt. Er zijn een aantal onderhoudswerkzaamheden die hetzelfde zijn als in een gewone tuin; denk daarbij aan snoeien, plukken, aanbinden. Maar er zijn ook werkzaamheden die bij het tuinieren in potten juist wat extra aandacht vragen.
De belangrijkste daarvan is natuurlijk het water geven en bemesten. Omdat de wortels van de planten opgesloten zitten in een bak of pot kunnen ze niet zelf op zoek naar water en voeding. Verder is het nuttig om eens per week de bakken na te kijken. Verwijder uitgebloeide bloemen (zorgt voor langere bloei) en onkruid, dode bladeren afknippen (voorkomt schimmels en ziekten), controleer op plaagdieren (bladluis, wantsen, enz.) bindt hogere soorten planten vast aan stokken.
Als het winter wordt kun je een pot eventueel inpakken met bijvoorbeeld folie, jute, wat stro ertussen, dan bevriest de pot (en de inhoud) veel minder snel. Op de plant in de pot kun je wat stro leggen, zo is de plant wat beschermd. Niet de bovenkant helemaal inpakken met plastic folie want dat verstikt de plant.

tips en weetjes

Gebruik altijd schone bakken en potten; in gebruikte bakken kunnen resten van schimmels achterblijven. Maak ze dus na gebruik goed schoon. Stapel lege potten nooit op maar zet ze ondersteboven! Ze kunnen dan niet vol regenen en in de zomer een muggenplaag veroorzaken op school en in de winter kapot vriezen.
Als de planten per ongeluk eens behoorlijk uitgedroogd zijn nemen ze heel moeilijk weer water op. Voeg aan het 5 liter gietwater 2 of 3 druppels afwasmiddel toe; dat verlaagt de oppervlaktespanning en zo neemt de plant het water makkelijker op.
Water geven in de avond is altijd het beste maar dat gaat meestal niet op school. Geef in ieder geval zo laat mogelijk water. Dan kan de plant de hele nacht met zijn watervoorraad doen voor de zon het al snel laat verdampen, etc.).
Sproei in een droge zomer ook zo af en toe het blad eens flink nat in de ochtend of namiddag met een plantenspuit. Daar vind je gegarandeerd veel vrijwilligers voor! Doe dit trouwens vooral niet bij bonen en tomatenplanten.
Je kunt zelf natuurlijk ook de bakken en potten verven, in elke kleur die je maar wilt. Leuk om samen met kinderen te doen!
Mulch zorgt in de tuin voor minder onkruid, het houdt vocht vast onder de mulchlaag en doet hetzelfde in een pot. Een laagje stro of houtsnippers op de grond in de potten is best nuttig. Maar het kan ook leuk worden als je voor iets anders kiest dan stro of houtsnippers. Gebruik bijvoorbeeld eens grind in een leuke bijpassende kleur, of schelpen of knikkers om als mulchlaag te gebruiken.






Tot stand gekomen met medewerking van de Gemeente Den Haag.